Wat zeur je nou? Zo erg is het toch niet!

 

Club HB is afgelopen. Kinderen en ouders blijven nog even hangen. Zo gaat het meestal en het leidt regelmatig tot mooie gesprekjes, ongedwongen tussen kapstok en koffiezetapparaat.

Hij is zo fel. Hij gaat niet mee. Als hij wil blijven, blijft hij. Ik kan hem echt niet overtuigen. Zo gaat het ook in de klas, als hij naar zijn oude groep moet. Wat moet ik nu? Ik kan zeggen dat het niet erg is, en dat het zo voorbij is, en dat hij nu gewoon blij moet zijn dat hij een groep verder gezet is, en dat hij gewoon nu even door moet zetten, maar het helpt allemaal niets….

Stel je voor. Je hebt een nieuwe baan. Je bent verlost van het bedrijf waar je je klem voelde zitten. Je bent blij, opgelucht. Je wordt gezien. Er is een plek voor je waar ze je dolgraag hebben en waar een nieuwe uitdaging  op jou ligt te wachten. Iedereen blij. Maarrrr … dat ene project moet nog wel even af. Dat is de afspraak. Je zult de komende 2 maanden iedere week 1 dag terug moeten in de trein naar Rotterdam. Daar waar niemand jou graag ziet komen.

Je hebt nu toch een nieuwe baan. Wat zeur je nou. Die paar keer! 

Arrghhh!

Zoon heeft inmiddels jas en schoenen aan, en de geliefde typemachine los kunnen laten. Hij komt me een hand geven, waarop ik vraag: Hoeveel keer moet je nou nog terug naar groep 4? Ik zit in groep 5, zegt hij stevig. – Groep 5, zeg ik stevig, wat lijkt het mij verschrikkelijk om, als je in groep 5 zit, terug te moeten naar groep 4. Hoe – veel – keer  móet  – je nog  ? (Ik kijk errug moeilijk.)

Hij is even stil, kijkt me dan aan, en zegt: Maar het is best leuk.

Vader kijkt me verbijsterd aan.

Zoon heeft de ruimte gekregen om het lastig te vinden. Hij had slechts een paar milimeter nodig. Hij mag het niet leuk vinden. En dan …. dan kan hij het ook wel leuk vinden.

Vader heeft communicatietips meegnomen. Aan de slag! Of…. even niet zo hard aan de slag, doe maar even niets, en kijk, en luister.

Dag jongen. Fijn dat je er weer was. Dag vader. Tot de volgende keer.

Een paar GRONDIG– gedachten over:  VERDUREN

1. Ik ben ik en jij bent jij. Misschien weet ik een beetje wat jij denkt en wat jij voelt. Misschien weet jij een beetje wat ik denk en wat ik voel. Hoogstwaarschijnlijk weet ik er niets van. Het zijn jouw gedachten en jouw gevoelens. En die gaan meestal niet over wat ik denk en doe, maar over wat jij denkt en doet. En ze zijn geboren uit wat jij hebt gedaan en gevoeld en gedacht, en hebt meegemaakt. Ik ben ik, en jij bent jij.

2. Ik weet niet wat jij wil zeggen. Ik kan luisteren, zodat ik het te weten kom. Ik kan ernaar vragen, zodat ik het misschien te weten kom. En ik kan het bij jou verifiëren. Denk je misschien dat ik je niet aardig vindt? Vind je het misschien niet leuk om weg te gaan?

3. Ik leer niet van jouw fouten. Met een beetje geluk leer ik van mijn eigen fouten. Die fouten zijn kleiner naarmate ik kleiner ben, en hebben dan meestal kleine gevolgen. Mag ik mijn eigen fouten maken? Mag ik leren? Kun jij mijn pijn en frustratie verduren? Ik kan haar wel aan! Of ik leer haar aan te kunnen!

Hadewych Simonis is kindercoach en trainer voor denkers. In haar praktijk GRONDIG, in Monster, werkt zij met (hoogbegaafde) kinderen en hun ouders aan stevige grond onder hun voeten. #HB #ikleerleren #RotsenWater #clubHB #coaching (kinderen, ouders, leerkrachten)

 

Advertenties